Hoe zijn jullie begonnen met de bijeenkomsten collectieve voorlichting dementie?
“Het idee om ermee aan de slag te gaan sloeg aan, onder andere omdat de wachtlijst voor een casemanager lang is. Casemanagers gaven bij mensen thuis voorlichting en vertelden vaak hetzelfde verhaal. Met collectieve voorlichting bereiken we veel meer mensen die daardoor minder lang hoeven te wachten op de eerste ondersteuning. Tijdens de bijeenkomsten in Delft is een sociaal werker aanwezig, een coördinator van het ontmoetingscentrum en de casemanagers van Pieter van Foreest en Careyn. Conny Moons heeft als netwerkcoördinator een verbindende rol. Zij heeft veel contact met RIGA en is er ook vaak bij. Ik ben erbij om te vertellen wat we vanuit Delft voor Elkaar kunnen betekenen. We hebben een hele fijne samenwerking.”
Welke thema’s behandelen jullie?
“De bijeenkomsten vinden plaats in een ontmoetingscentrum van Pieter van Foreest. De casemanager en de programmacoördinator van het ontmoetingscentrum organiseren de eerste bijeenkomst, met als onderwerp ‘Omgaan met veranderend gedrag’. Vanaf de tweede bijeenkomst haak ik aan en hebben we het over hoe iemand zo lang mogelijk thuis kan blijven wonen. Tijdens de derde bijeenkomst praten we over ‘Wat als thuiswonen niet meer gaat’. We hebben het over stappen waar mensen liever nog niet over nadenken en dat is best een zwaar onderwerp. De vierde bijeenkomst gaat over ‘Goed voor jezelf zorgen’ met onderwerpen als positieve gezondheid en mantelzorgondersteuning in Delft. De eerste bijeenkomst is voor inwoners met geheugenproblemen of dementie én de mantelzorgers, daarna richten we ons meer op de mantelzorgers. Dat doen we omdat de zwaardere thema’s hard kunnen binnenkomen bij mensen met dementie en alle informatie kan ook veel zijn. Maar het verschilt per persoon, sommige mensen met geheugenproblemen komen naar meerdere bijeenkomsten, dat mag natuurlijk.”
De afgelopen jaren is er door veel mensen hard gewerkt om Delft toegankelijker en begripvoller te maken voor mensen met dementie en hun naasten. En met resultaat, want vorig jaar kreeg Delft het certificaat Dementievriendelijke Gemeente uitgereikt van Alzheimer Nederland.
Kun je iets meer vertellen over positieve gezondheid en welzijn?
“Dat gaat over de draagkracht en de draaglast van de mantelzorger. Hoe mantelzorgers zelf in balans blijven om de zorg te kunnen blijven dragen. We kijken bijvoorbeeld waar mensen energie van krijgen en hoe ze dat kunnen blijven doen. Soms merken we dat iemand meer hulp nodig heeft, dan ga ik of een van de andere welzijnscoaches langs. Ik ben bijvoorbeeld een keer met een eenzame oudere met dementie naar een ontmoetingscentrum geweest. Zo kan ik de drempel verlagen om nog een keer te gaan, de mantelzorger ontlasten en wat meer informatie geven.”
Hoe reageren mensen tijdens de bijeenkomsten?
“Heel positief. Wat ik mooi en bijzonder vind, is dat er veel onderling contact ontstaat. Door met elkaar te praten vinden mensen vaak veel herkenning in elkaars verhalen en soms ontstaat er echt een band. Zo raakten twee mantelzorgers met elkaar in gesprek toen bleek dat hun partners allebei hun rijbewijs niet verlengd kregen. Aan het eind van de bijeenkomst zie je mensen vaak gegevens uitwisselen om contact te houden. Het is niet het primaire doel van de voorlichting, maar wel heel mooi dat dit er ook uitkomt. Mantelzorger krijgen deze taak ineens op hun bord en zitten er 24/7 in. Zij kunnen zich heel eenzaam voelen. In de gesprekken tijdens de bijeenkomst merken ze dat anderen tegen dezelfde dingen aanlopen en dat geeft verlichting.”
Een aantal reacties van mensen die bij een voorlichtingsbijeenkomst waren:
“Zeer nuttig voor de toekomst.”
“Fijn met lotgenoten en het horen van de menselijke verhalen.”
“Leuk gegeven, los, open, luchtig en leerzaam.”
“Je weet niet altijd waar je moet zoeken, nu komt het naar je toe.”
“Er is veel herkenning, laagdrempelig en er worden handige tips uitgewisseld.”
Hoe gaat het verder na die vier bijeenkomsten?
“De mensen blijven op de wachtlijst staan voor een casemanager, maar de meeste geven aan dat ze na de vier bijeenkomsten goed vooruit kunnen met alle informatie. Ze krijgen natuurlijk wel gegevens om contact op te nemen mocht er toch iets zijn. Als er veel speelt bij mensen zorgen we altijd dat er iemand betrokken raakt. Dat kan ik als welzijnscoach bijvoorbeeld zijn of een van mijn collega’s Sabine of Chantal. Wij richten ons echt op het welzijn van de mensen en regelen kleine praktische zaken zoals een pas aanvragen voor de regiotaxi. Voor mij is het één telefoontje en dan kan iemand weer zelfstandig eropuit. Wij hebben ook tijd om ergens mee naartoe te gaan. Een casemanager is langdurig betrokken, heeft meer regeltaken en denkt ook mee over de toekomst en heeft altijd een zorgachtergrond.”
Zo te horen heb je een leuke baan.
“Ja zeker, het geeft veel voldoening. De doelgroep is heel fijn om voor te werken en ook iemand echt te kunnen helpen. Ik hoor veel verhalen, daar hou ik ook van. Als ouderenwerker kom ik vaak maar even langs, dan kan ik iemand snel ergens mee helpen, dat vind ik heel leuk. Als welzijnscoach ben ik wat langer betrokken bij mensen en bouw je echt een band op met elkaar, dat is best bijzonder. De afwisseling vind ik het allerleukste. Ik zit ook in meerdere projectgroepen zoals Eén tegen Eenzaamheid en Dementie Vriendelijk Delft. Daardoor werk ik veel samen met mensen uit andere organisaties en dat contact vind ik heel leuk. Laatst had Conny een kennislunch georganiseerd met collega’s uit gemeenten die ook collectieve voorlichting dementie verzorgen. Het was heel inspirerend om er met elkaar over te praten en ervaringen te delen.”
Collectieve voorlichting als regionale aanpak
Collectieve voorlichting dementie wordt niet alleen in Delft aangeboden, maar ook in andere gemeenten binnen de regio. Samen met het regionale dementienetwerk en betrokken partners verkent RIGA hoe collectieve voorlichting verder kan worden verstevigd binnen de cliëntreis van mensen met dementie. Daarbij is er speciale aandacht voor de samenwerking tussen zorg en welzijn. Door inwoners en mantelzorgers vroegtijdig toegang te geven tot informatie, ondersteuning en lotgenotencontact, kunnen zij beter voorbereid hun weg vinden in het leven met dementie en de ondersteuning die daarbij beschikbaar is.